Geschiedenis van het schaatsen
De geschiedenis van het schaatsen wordt in tal van theoriën uitgelegd. Volgens
Wikipedia blijkt uit
onderzoek blijkt dat de mens in de prehistorie al probeerde om ijsvlakten sneller over te steken. Hiervoor gebruikte men schaatsen gemaakt van
dierlijke botten. Deze werden geslepen totdat het oppervlak glad genoeg was. Schaatsen was toen nog vooral een kwestie van glijden.
| De allereerste schaatsen worden daarom glissers genoemd; glis, is een rib of een middenvoetsbeen van een rund, paard of hert. De glissers werden voorzien van gaten en met pezen of palingvellen aan de voet bevestigd. Archeologen hebben op de bodem van een Zwitsers meer resten van dergelijke schaatsen gevonden, die uit het jaar 3000 v.Chr. Daarnaast werden er gelijksoortige vondsten gedaan in onder meer Rusland, Scandinavië, Groot-Brittannië, Nederland, en Duitsland. | ![]() |
![]() |
Via allerlei ontwikkelingen zoals aerodynamische pakken is uiteindelijk de klapschaats ontwikkeld. Dit is een revolutionair ontwerp dat teruggaat naar een octrooi van 1894 |
